Blogs in kinderopvangtotaal.nl

Hieronder staan de bijdragen van Marianne in het Estafette Weblog van kinderopvangtotaal.nl

logo kinderopvangtotaal
Deze zijn ook te vinden op hun website maar door ze hier over te nemen blijven deze bijdragen bestaan ook al verwijdert kinderopvangtotaal.nl ze van hun site EN houden we de publicaties van Marianne de Valck compleet op één plaats.
Klik hieronder op de titel van uw keuze om het desbetrefende artikel te lezen. Klik op een andere titel om deze nieuwe titel te lezen (de teksten worden in-/uitgeklapt als een harmonica).

"Afscheid met de beste wensen"


Mijn laatste weblog voor kinderopvangtotaal.nl
Ik heb willen prikken in aannames, motieven willen toetsen en soms advocaat van de duivel gespeeld.
Dit laatste bijvoorbeeld met mijn vorige blog. In antwoord op ‘Als ze maar lief is…’wens ik u lef toe waarmee uw kinderopvang, in welke vorm dan ook, zich durft te laten zien als faciliterend voor kinderen. Ik zie juist nu, kansen voor herijking, veranderingen en verbeteringen.
Een voorbeeldje: net als bij kinderdagverblijven verwijderen veel gemeentes speeltoestellen vanwege bezuinigingen. Ik mag meedenken hoe lege grasveldjes en betegelde pleintjes kinderen kunnen inspireren tot nieuw spel. Dit kan door herinrichting met speelse/kindvriendelijke aanleidingen en of toevoeging van losse seizoensgebonden materialen en/of inspiratie voor activiteiten. Het is winst, geen verlies. Dit ‘nieuwe spelen’, met elkaar, met wat we vonden en zelf maakten, is winst, geen verlies. Het geeft aantoonbaar meer inventiviteit en speelwaarde dan een prachtig klimrek.
‘Nieuw spelen’ houdt veel doen met weinig, vies mogen worden en risico accepteren binnen grenzen in. Minder mooi, maar wel effectiever. (Deskundigen bespraken onlangs het onderhoud van afslijtende speelheuveltjes. Na allerlei voorstellen vol technische hulpmiddelen was de conclusie dat een uitgesleten heuvel met zand en modder beter bespeelbaar was dan een gaaf groen bolletje.)

Ouders hechten nog ouderwets aan schoon, door de fabrikant verzonnen, veilig en moeiteloos voor kinderen. Kinderopvang kan ze leren.
Ik wens kinderopvang nieuw elan toe bij het bieden van tijd, ruimte, uitproberen, zelf bezig zijn. Kinderen krijgen meer, ouders kunnen overtuigd worden. Durf met speelgoed zonder apps , speelse middelen zonder gebruiksaanwijzing en spelletjes met zelf verzonnen regels.

Geef ruimte aan jongens, eigenwijzen en nieuw beleid.
Geef tegengas aan ouderwetse hang naar scores, doelen en geprefabriceerde resultaten.
Neem afscheid van educatieve ranglijsten en onbezielde conflictvermijding. Overtuig ouders, samenleving en overheden van de waarde van kinderopvang voor kinderen en daarmee voor onze toekomst, in plaats van korte termijn gerichte dienstverlening.
Succes…en lees af en toe mijn blog op www.speelgoedadvies.nl. Ik denk graag mee, een beetje tegendraads maar altijd betrokken en nieuwsgierig. Weet me te vinden.

"Als ze maar lief is…."


Stimuleren van deskundigheid stuit op andere tijden.
Jarenlang werd geïnvesteerd in goed en beter voor kinderopvang met steeds opnieuw HET argument; goed voor ontwikkeling van kinderen. Want gelukkige kinderen ontwikkelen zich beter. Het werkte. In Nederland wonen, volgens onderzoek van de VN, de gelukkigste kinderen ter wereld. Niet dat hier geen zorgen zijn. Achterstanden in taal, bewegen, leren en sociale vaardigheden nemen in diepte en aantallen toe. Dit is niet de schuld van het basisonderwijs. Achterstanden worden opgelopen in de voorschoolse periode. Daarom werd flink geïnvesteerd in meer deskundigheid voor begeleiders. Van ouders via centra voor Jeugd en Gezin tot werkers in kinderopvang. Daarom willen we plekken waar kinderen wel buiten en binnen spelen (zonder tv), rust en aandacht krijgen en leren wat ze kunnen leren op en liefst nog wat meer.

Zorgen over lage scores rond interactieve vaardigheden en NCKO wensen hielden en houden ons bezig…zie mijn weblog op www.speelgoedadvies.nl, geschreven naar aanleiding van een lezing gehouden door Rubin Fukkink begin deze maand. Kinderopvang gebruikt VVE certificering kwaliteitskenmerk voor de organisatie zonder veel bewijs dat achterstanden hiermee zijn weggewerkt, maar de inzet is duidelijk. “Kiezen voor kinderen” als tegenbeweging, wil zich richten op het perspectief van kinderen, omdat dit nodig blijkt! Investeringen in natuurspeelplekken, snoezelruimtes, tweede taal en buiten slapen zijn nodig en nuttig en toch…..kiezen ouders en de overheid als puntje bij paaltje komt…voor de buurvrouw. Ontwikkeling is prima, maar lijkt een luxe die we ons niet meer willen veroorloven.

Een gastouder zei te vrezen dat het bijwonen van een themabijeenkomst niet gewaardeerd zou worden. Ouders willen voor hun kinderen een plek waar ze kunnen spelen bij een lieve mevrouw. Niet meer. Niet minder. Kunnen observeren, bijzondere dingen doen of educatief bezig willen zijn, is niet nodig. Gewoon laten spelen, beetje voorlezen en regelmatig verschonen is genoeg.

Een ouder zei het logisch te vinden van een kinderdagverblijf te verwachten dat ruimte, speelgoed en medewerkers de hoogst mogelijke kwaliteit bieden. Minder was voor haar niet acceptabel in een geïnstitutioneerde omgeving. Natuurlijk is de Nederlandse kinderopvang hartstikke goed. Maar nu koos ze voor een niet institutiële opvang, zonder enige verwachting of pretentie. Waar iemand alleen maar lief was voor haar kind. Van Albert Heijn terug naar de buurtwinkel. Meer is luxe, geen noodzaak. Zonder meer was ze zelf groot en gelukkig geworden…. Wat is hierop uw antwoord?!!

"Vies als gevolg of doel"


28 juni is door Veldwerk.nl uitgeroepen tot modderdag. 12 juni is de buitenspeeldag van o.a. J.Beton, 29 juni is de IVN natuurspeeldag. In juni kunnen ze allemaal drie maal in bad. Ik heb hierbij tegenstrijdige gedachten.

Voor: Alle aandacht voor spelen is welkom. Van mij mogen kinderen vies worden. Het is in meer dan een opzicht goed. Kliederen draagt bij aan welzijn.
Want woordeloos contact is een belangrijke vorm van communiceren. Voor voelen, ruiken en proeven is, volgens mij, veel te weinig aandacht. Daarmee verdwijnen belangrijke mogelijkheden voor oog-handcoördinatie, herkennen van vormen en selectieve vermogens. Beleven is creatief. Niet alles krijgt pas zin zodra het functioneel is.Bovendien draagt vies bij aan de ontwikkeling van een goed functionerend immuunsysteem. Steeds meer wetenschappers wijten de snelle toename van voedselallergieën, astma en andere immunologische aandoeningen aan onze moderne obsessie met hygiëne, veiligheid en binnenblijven.
En toch…heb ik moeite met modderdagen, net zoals een week vol activiteiten rond vies (wat smaakt vies, wat voelt vies, wat vinden we vies, wat is vies….een week voor uitdaging, leren en plezier met vieze dingen die we anders nooit doen…van spelen met modder en gekookte spaghetti, via vieze woorden mogen zeggen, uilenballen bestuderen tot grenzen leren…aldus de vrije impressie van een bijzondere themaweek) of een kliederfeest met bodypainting onder begeleiding van een echte kunstenares.

Tegen: Bij alle positieve geluiden krijg ik toch het gevoel dat wat mag, geïsoleerd wordt in een nieuw moeten. Ideaal is het om kinderen te laten spelen zonder zorgen over hun kleding of zand in hun mond. Of ze nu voetballen of zich verstoppen, kleding en vuiligheid kunnen een gevolg zijn van goed spelen. Maak je daar maar niet druk over, we hebben wasmachines. Maar door vies worden tot doel te maken verschuift de focus. Geen ‘mogelijk gevolg”(goed spelen zonder vies worden kan ook) maar goed spelen is gelijk aan vies worden. Of erger nog; Het mag een maal per jaar als de uitzondering die de regel (schoon, lekker, netjes) bevestigt. Daarmee wordt de eerste boodschap, vies worden kan gebeuren, vermalen tot uitzondering, bepaald en beperkt tot die dag, die activiteit of dat thema. En dat wil ik niet…. Maar dat gezegd hebbend….Ik hoop dat kinderen bij die gelegenheid de smaak te pakken krijgen…want vies is lekker.
 

"Theorie, praktijk en oude idealen"


Ik vraag mij af waar mijn theorie nog met praktijk strookt en of mijn oude idealen nog levensvatbaar zijn. Meer dan een aanleiding zet mij aan het denken over snel veranderende tijden.

Bijvoorbeeld:

De Vereniging Speelotheken Nederland bestaat dit jaar tien jaar. Tien jaar pas, want speelotheken ontstonden in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Ik begon een speelotheek in 1975 en was betrokken bij het oprichten van de stichting Speelotheken Nederland tot de fusie met de stichting Kind en Opvoeding tot Spel en opvoeding, die daarna in de regionalisering langzaam oploste. Ik was betrokken maar bleef buitenstaander, zover een initiatiefnemer en bestuurslid buitenstaander kan zijn. De journalist tussen bewogen idealisten; niet om een mening te geven maar om informatie te vragen en door te geven.

Ouders en instellingen wensten speelotheken, toen en nu, om duur speelgoed beschikbaar te maken voor hun gehandicapte kinderen. Welzijnswerkers wilden kinderen in achterstandswijken in staat stellen met goed speelgoed te spelen door dit liefst gratis aan te bieden. Ik wilde speelotheken voor het geven van informatie aan ouders en organisaties betrokken bij alle kinderen. Een speelotheek in iedere wijk, ongeacht inkomen en mogelijkheden. Ervaringen hebben en delen, is nog steeds reden om te pleiten voor speelotheken, ook voor kinderopvang. Ondertussen veranderen spelen en speelgoed en verander ik mee zo ver ik dit verantwoord vind. Hoe ver is de vraag. Een pleidooi voor blank houten speelgoed heeft nog steeds dezelfde waarde maar wie durft nog van kinderen te verwachten dat ze een kleur zelf verzinnen! Mijn eigen kleinzoon van negen maanden is verslingerd aan babytv en krijgt alleen op zondagavond, als oma komt oppassen, een prentenboek zonder licht, beweging en geluid. Toen ik in een BSO opmerkte dat kinderen beter spelen met ‘echt’, kreeg ik als commentaar ‘dat kinderen dat tegenwoordig niet meer hoeven”.

Soms vrees ik uitgewerkt te zijn. Letterlijk en figuurlijk.
Maar als ik dan een kind zie spelen, echt zie spelen; geconcentreerd iets zie verzinnen, uitproberen, ontdekken, ontvangen en delen…dat is zo mooi, zo hoopgevend. Dan wil ik weer dwars door alle verleidingen van gemakzucht en commercie breken om te vertellen waar dit goed voor is. Kinderen kansen geven. Het kan. Het is nodig. Kijk maar om je heen.

"Ik wens u een nieuwsgierig jaar"


Nieuwsgierigheid is de motor voor ontwikkeling.
Nieuwsgierigheid hoort bij onze natuurlijke behoeften. Zoals bij alle behoeftes is ze gebaat bij bevrediging maar wordt ze vaak gefrustreerd.
Deze stelling lijkt gewaagd. We schamen ons snel voor het besef gewoon maar mens te zijn die af en toe ergens behoefte aan kan hebben. Natuurlijke behoefte worden zo snel mogelijk ondergeschikt gemaakt aan rituelen (zindelijk worden, tafelmanieren) en verzwegen alsof ze niet netjes zijn. Wanneer kinderen “nieuwsgierige Aagjes” worden genoemd is dat meestal geen compliment. (Aagje heeft echt bestaan. Haar nieuwsgierigheid kostte haar geld en haar goede naam). Nieuwsgierig zijn, iets willen weten…wordt vaak niet gewaardeerd. Kinderen krijgen te horen dat ze ergens te klein voor zijn, dat het ze niet aangaat en collega’s wordt bemoeizucht verweten. Nieuwsgierigheid lijkt een slechte eigenschap waar we niet (openlijk) aan mogen toegeven.

Uiteraard heeft ook nieuwsgierigheid grenzen. Waar te voor staat is nooit goed, leerde mijn moeder, behalve tevreden, te saam, te bed… te veel eten, te weinig bewegen…u weet het… Waarmee de waarde van nieuwsgierigheid , in de juiste mate, niet mag worden onderschat. Nieuwsgierigheid is goed voor kinderen…en voor grote mensen.

Nieuwsgierigheid een belangrijke voorwaarde voor ontwikkeling waar een mens een leven lang veel aan heeft. Nieuwsgierigheid is gebaseerd op opmerkzaamheid en gekoppeld aan belangstelling. Ze geeft moed en richting aan alles wat we ondernemen. Dit zijn voorwaarden voor ontwikkeling. Nieuwsgierigheid staat los van hoop. Hoop is niet hetzelfde als mogen verwachten. Succes is niet gegarandeerd.

Ik ben nieuwsgierig naar wat het nieuwe jaar brengen zal en heb veel vragen waarvoor ik met veel belangstelling uit kijk naar antwoorden. Weet u mij te vinden, bijvoorbeeld. Wilt u naar mij luisteren wanneer ik mag spreken op de kinderopvangcongressen waarvoor ik ben uitgenodigd. Mag ik naar u toekomen? Welke gevolgen zullen de stappen die ik zette, hebben? Hoe zal het gaan in de kinderopvang…met u? Wat maakt u nieuwsgierig? Wat wilt u weten?
Ik wens u dit nieuwe jaar veel nieuwsgierigheid toe…waarmee deuren open kunnen gaan naar nieuwe mogelijkheden. Ik ben benieuwd naar uw reactie.

"Slapen om te spelen"


Hoe kinderen spelen, heeft gevolgen voor ontwikkeling En ontwikkeling willen we, zo veel als maar mogelijk is.
Aan goed spelen gaat iets vooraf; voorwaardenscheppende zorg. Goed slapen bijvoorbeeld. Tijd en ruimte geven om te spelen zijn vanzelfsprekendheden waar losjes mee om wordt gegaan. ‘Natuurlijk krijgen kinderen bij ons een mooie lokaal, speelgoed en mogen ze hun gang gaan als we niets gezamenlijks doen.’ Maar ook..’ Dreumesen spelen niet echt. Ze zitten, kijken wat rond, pakken even dit , dan weer dat’.

Natuurlijk, kinderen kijken graag naar andere kinderen en leren daar veel van. Om ze meer te laten doen dan kijken, is meer nodig. Voor spelen hebben kinderen bijvoorbeeld veel energie nodig. Ze moeten goed uitgerust zijn om goed te kunnen spelen. Tijd en ruimte krijgen om te spelen is onlosmakend verbonden met andere natuurlijke behoeften, zoals gezond eten en goed mogen en rustig kunnen slapen. Steeds vaker blijkt dat baby’s tegenwoordig maar liefst een uur minder slapen dan hun ouders dertig jaar geleden. Het is belangrijk om te weten dat minder slaap grote gevolgen kan hebben volgens de GGZ. ‘De ontwikkeling van de hersenen verloopt tot ongeveer je 21ste levensjaar en die ontwikkeling vindt voornamelijk plaats tijdens het slapen.

Om deze reden heeft korter slapen direct effect op de prestaties van kinderen. ’ Niet uitgeruste kinderen kunnen zich minder goed focussen. Ze zijn bijvoorbeeld minder goed in staat om nieuwe informatie op te kunnen slaan en slagen er minder goed in om nieuwe verbanden te leggen. Ze kunnen minder zin in iets nieuws hebben. Dit betekent ook dat ze emotioneel onstabieler zijn. Het wordt ze snel te veel. Doordat niet uitgeruste kinderen minder zin hebben in bewegen, schuilt daarin zelfs het gevaar voor obesitas. Voor een goede ontwikkeling van de hersenen is het nodig voldoende en goed te slapen. ‘

Zo zie je maar; spelen dringt door tot alles wat speelt in kinderopvang. Meer aandacht aan voorwaardenscheppende zorg voor spelen kost niets, maar kan veel opleveren.

 

"Vragen voor antwoorden"


Ik hou van vragen. Vragen geven kijk op verwachtingen en onzekerheden.
Achter een vraag schuilen veel vragen.

Pas hoorde ik; 'Vindt de GGD echt gras om op te spelen nog wel goed en veilig?' Hier werd gevraagd naar verschil in speelwaarde tussen gras en kunstgras + de vraag over veiligheid + de vraag naar de mening van de GGD en daarachter de vraag om aan alle goede antwoorden te voldoen. Zoals zo vaak roept deze vraag bij mij veel vragen op. Om een vraag te beantwoorden; de GGD is geïnteresseerd in overwegingen, onderbouwing en uitvoering voor beleid. Daarmee is binnen de regels, meer mogelijk dan menigeen denkt maar niet alles.
'Ieder antwoord geeft nieuwe vragen, waarmee visie groeit'

Een actuele vraag: ‘Wat te denken van een speelgoedfolder, overgewaaid uit Zweden, waarin jongens met een föhn spelen en strijken en meisjes 'jongensdingen´ doen".
Ik zag kappers voor me en mijn volwassen zoons die hun overhemden strijken. Maar ook achter deze vraag bleken vele vragen en aannames te zitten. Na pedagogisch correct gepleit te hebben voor vies mogen worden, timmeren, stoeien en grensverkennend bezig zijn, werden nu vraagtekens gezet bij jongens die in de poppenhoek wilden ervaren hoe het is om een kindvriendelijke vader te zijn. En hoe we moeten omgaan met jongensachtige meisjes of meisjesachtige jongens. Waar zijn we verantwoordelijk voor? Hoe groot is onze invloed?

Steeds opnieuw die omkering. In plaats van een kind zien hoe het is en daar onze uitdagingen bij laten aansluiten, maken we onze uitdaging maatgevend ...je bent een jongen dus wil je.., je bent drie dus kun je....! En wat moeten we doen als hij niet in een hokje past? Ik pleit voor vragen zonder gewenste antwoorden. Laat u verrassen.

Vragen beginnend met 4 x W en 1 x H. Wie wat waar, wanneer (+ waarom voor kinderen ouder dan vier, welke als vrouwelijke vorm van wat) en hoe? Aanvullen met hoe vaak? hoeveel? Hoe lang? Ieder antwoord geeft nieuwe vragen, waarmee visie groeit.
Waarmee ik alle gastouders uitnodig om de vragenlijst van de Houtengogroep in te vullen, waarmee we belangstelling voor netwerkbijeenkomsten peilen, via www.speelgoedadvies.nl/weblog

"Vrij spelen moet"


‘Kinderen moeten meer gelegenheid krijgen om zonder onderbreking te spelen, zonder dat volwassenen daar een doel bij stellen’, zo concludeert Louise Berkhout. Zij promoveerde in juli van dit jaar aan de Rijksuniversiteit van Groningen met haar onderzoek naar de relaties tussen spel en de psychosociale gezondheid bij jonge kinderen. Berkhout zag door afname van fantasiespel, gevolgen voor voorstellingsvermogen en door minder bewegingsspel, gevolgen voor ruimtelijke oriëntatie en zelfvertrouwen. Haar onderzoek toont de gevolgen van minder spelen aan voor leren.
Spelen heeft volgens haar meer rust en tijd nodig. Pas dan kunnen kinderen hun spel ontwikkelen. Ze beginnen niet direct met goed spelen. Ze moeten eerst ergens voor kunnen kiezen, iets pakken, klaarzetten, schuiven, zoeken, idee krijgen, uitwerken voor ze hun eigen spel kunnen ontwikkelen zonder volwassenen die zeggen hoe het moet, hoort, wat van kinderen verwacht wordt.

'Dit betekent niet dat p’mers bij vrij spelen niets doen'
Spelen naar eigen keuze gaat beter dan doen wat je gezegd wordt. Maar voor kiezen is tijd en waardering nodig. En we zijn zo ongeduldig, we hebben het zo druk dat we daar vaak geen rust voor geven. Daarmee leren kinderen niet goed spelen.
Louise Berkhout bewees wat we wisten, maar waar we vaak onvoldoende rekening mee houden omdat de theorie niet past bij de praktijk vol praktische bezwaren. Hoe kan klooien, tutten, rondschuiven, zonder doel essentieel zijn voor leren, concentreren, rekenen, praten, begrijpen, kiezen en denken?
Volwassenen kijken graag naar resultaten in plaats van naar wat zich in het brein afspeelt. Daar begint de beleving en de daarvoor nodige alertheid en nieuwsgierigheid waarmee de vaardigheden kunnen ontstaan waarmee concentratie, rekenen, praten, begrijpen, overleggen en kiezen mogelijk worden. Ieder kind heeft een eigen tempo en benadering en zoekt zijn eigen weg met behulp van wat wij aanbieden, de ruimte die wij hem laten. Letterlijk en figuurlijk. Die ruimte biedt de vrijheid voor vrij spelen.

Dit betekent niet dat p’mers bij vrij spelen niets doen. Vrij spelen in deze betekenis bestaat niet. Wij bepalen wat, waar mag. Onze verwachtingen zijn weloverwogen gekoppeld aan leeftijd, jongens of meisjes en cultuur. Daar is onze uitdaging, waardering en inspiratie nodig, zonder voorzeggen wat het beste resultaat zal geven. Waardering houdt volgen van een proces in, weten wat binnen bereik is. Inspiratie bestaat vooral uit vragen, in plaats van antwoorden. Wie zo vrij laat spelen, heeft het druk.

Ha een reactie!
marianne de valck 13 dec 2012 15:37
De insteek is dat we onze verwachtingen niet te veel sturend laten zijn in ons aanbod. Neem het kind als uitgangspunt, niet wat jij denkt te moeten bieden ongeacht aan wie. Oog hebben voor diversiteit tussen kinderen, kan betekenen dat we ons aanbod verruimen. Aandacht voor jongenskenmerken kan leiden tot meer techniek, echte dingen, verhalen vol feiten, competitie aanbieden….en voor meisjesachtige jongens een aanbod wat daarbij past. Beperken kan ook…zoals Sieneke Goorhuis zegt; we bieden tegenwoordig kinderen te veel software aan, waar de hardware nog niet aanwezig is. 200 woordjes per jaar bijvoorbeeld voor ieder kind.
benieuwd

PMer 11 dec 2012 15:12
Hoi Marianne,
mooi stuk, ik ben alleen erg benieuwd wat je bedoeld met dat pm'ers hun verwachtingen (en hun bepalingen?) weloverwogen koppelen aan gender en cultuur?
Dat een activiteit geschikt moet zijn voor de leeftijd snap ik vanuit een veiligheidsoogpunt. Kan je een voorbeeld geven wanneer cultuur en gender een rol spelen op die manier?
Ik ga er namelijk vanuit dat je niet bedoeld dat bepaalde activiteiten wel geschikt zijn voor meisjes en niet voor jongens, en vice versa?

 

"Netwerken voor gastouders"


In mijn cursussen komen soms problemen bovendrijven die niets en toch alles met spelen te maken hebben. Daar komt mijn initiatief bijvoorbeeld vandaan om, wanneer daar behoefte aan is, pedagogische bemiddeling aan te bieden.

Bijvoorbeeld wanneer iemand roept dat blokken gevaarlijk zijn. Voor besloten wordt of dit zo is, kan het goed zijn om met elkaar in gesprek te gaan met wat pedagogische onderbouwing voor letterlijke en figuurlijke ruimte, aanbod en aandacht voor verschillen tussen kinderen. Ik schrijf niet voor....ik wil visie laten vormen.

Een paar weken geleden wilde ik speelproblemen met een kleine p bespreken. Praten dus over niet tegen je verlies kunnen, boos worden, gooien, stoeien, plagen en andere onruststokers. Maar voor we op gang waren, kwamen we in een andere discussie terecht. Een gastouder wilde persoonlijk advies over een specifiek kind. Zonder het kind te kennen kan ik dit niet geven. Ik verwees naar haar begeleider van het bemiddelingsbureau. Daar wilde ze niet aan beginnen. Ze was bang dat een vraag de indruk zou wekken dat zij het niet wist of kon en dat ze lastig was...en dat zou niet handig zijn als je afhankelijk bent van bemiddeling. Nu lijkt mij niet vragen altijd dommer dan wijzer willen worden, maar het probleem was duidelijk.
Ik toetste via LinkedIn of meer gastouders zich op zichzelf teruggeworpen voelen en kreeg bevestiging. Sommige ‘problemen' lijken te klein om een pedagoog voor te waarschuwen, maar kunnen wel negatieve invloed hebben op houding en handelen. Gastouders staan er vaak alleen voor. Ze denken hun eigen oplossingen te moeten uitvinden en zouden best willen leren van ervaringen in ongeveer dezelfde omstandigheden, van iemand die ze begrijpt...zoals een andere gastouder.
Daar moet wat aan te doen zijn.

Zoiets als moeders voor moeders of een goede buur is beter dan een verre vriend.
Na een oproep kwamen afgelopen woensdag zes mensen, betrokken bij gastouderopvang, bij elkaar in Houten. We noemen ons de Houtengo (How to go) groep. We willen iets...wat precies... zal blijken.
Als jullie maar weten dat ik iets wil doen met wat ik hoor.


Inzet gastouderbureau
Marjan Aapkes 04 dec 2012 10:01
In mijn beleving is het ondersteunen en begeleiden van gastouders een taak van het gastouderbureau. Ik organiseer regelmatig een werkoverleg waarbij de gastouders zich samen buigen over een ingebrachte casus. Tijdens de koffieochtenden worden ervaringen uitgewisseld. Verder heb ik regelmatig contact met Icare en het CJG binnen onze gemeente met als resultaat workshops en voorlichtingsavonden over verzorging, opvoeding, ontwikkeling en communicatie. Marjan Aapkes, Kidscasa Kinderopvang

 

"Speelgoed; het visitekaartje"


Vanmorgen had ik, met deze verkiezing als aanleiding, televisieopname voor EditieNL bij een lieve moeder thuis. Ze excuseerde zich voor wat ze haar zoon van ruim twee gaf. Hij had niet zoveel als de kinderen van haar vriendinnen. Het jochie had slechts zeven fietsjes, een elektrische auto, een wasmand vol Lego, een andere vol autootjes en kasten vol speelgoed boven, beneden en in de schuur. Het lieve kind was nogal druk. Kon zich slecht concentreren, hield niet van voorlezen en puzzelen. De spelregels van Memory waren niet geschikt, al stond op de doos vanaf 3 en hij was toch al ruim twee.. ‘Afwijken van de spelregels mag" zei ik tot haar verbazing. "Meer kan met minder" raadde ik. Dat was niet de bedoeling. Moeder gaf met liefde meer, groter en duurder. Haar zoon zapte van het ene speeltje naar het andere, ongeconcentreerd, oppervlakkig spelend, zonder eigen initiatief.
Ik heb nog wat te doen.

'Moeder gaf met liefde meer, groter en duurder. Haar zoon zapte van het ene speeltje naar het andere, ongeconcentreerd, oppervlakkig spelend, zonder eigen initiatief.
Ik heb nog wat te doen'

Praten over speelgoed doe ik vooral in het najaar. Veel speelgoedleveranciers weten meer van speelgoed dan ik, maar minder over pedagogisch handelen. Speltherapeuten weten meer van theorie dan ik over speelgoed. Ik ben een doorgeefluik dat wil klemmen. Voor iedere doelgroep passende informatie die wat klemt om te laten nadenken over aannames, gewoontes en scheve verhoudingen. Klemmen kost inspanning maar daar mag bij gelachen worden.
De actualiteit geeft voortdurend nieuwe onderwerpen, bijvoorbeeld over de gevolgen van betrokkenheid of spelen voor ego-ontwikkeling, spelen als voorwaarden voor leren, omgaan met veiligheid, de invloeden op spelen, diversiteit tussen kinderen door cultuur en aard, reageren op aannames enzovoorts. Ze komen vast langs in deze blog en in mijn websiteblog.

Lees en worstel u door dit luik om informatie te verwerken.
Vragen en verzoeknummers zijn welkom.

 

Submit to DeliciousSubmit to DiggSubmit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to StumbleuponSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn